Koning helpt Dirk III

In 1005 wordt de toekomst van het Friese graafschap bedreigd. Opstandige Friezen ondermijnen het gezag. Dirk moet grip zien te krijgen op dit eigenwijze volk.

Graaf Arnulf overlijdt in 993, de jonge Dirk III is de nieuwe graaf. Zijn moeder Liutgard wordt voogdes van het graafschap totdat Dirk oud genoeg is om het gebied zelf te besturen. Al snel nadat Dirk als graaf aan de slag gaat, krijgt hij een opstand in zijn graafschap voor de kiezen. Hij vraagt in 1005 zijn oom koning Hendrik II om hulp, die in het voorjaar in Tiel en Utrecht is neergestreken. Hij wil zijn neef best een hand toesteken om orde op zaken te stellen en stuurt een militaire expeditie om de opstand neer te slaan.

Een belangrijk keerpunt

Na de keizerlijke expeditie in 1005 lijkt graaf Dirk III  in het Maasmondgebied de touwtjes stevig in handen te hebben. Hij onderwerpt de Friezen rondom Vlaardingen en laat hen belasting betalen en manschappen voor zijn leger leveren. Verder verdeelt Dirk stukken land onder de bevolking, voor ontginningen en landbouw. Hij geeft ook land uit dat niet zijn eigendom is, wat de verhoudingen met de rechtmatige eigenaren op scherp zet. Die doen vervolgens hun beklag bij zijn oom, de inmiddels tot keizer gekroonde Hendrik II. Het is 1018.

Hendrik II: van hertog tot keizer

Wie is Hendrik II eigenlijk? Hij legt een weg af van hertog tot keizer. In 1002 wil Hendrik als hertog van Beieren, zijn achterneef keizer Otto III, bijstaan in het onderdrukken van een opstand in Italië. Voordat Hendrik aankomt in Italië, is Otto III echter aan koorts gestorven. Otto laat geen directe erfgenamen na. Na het verslaan van een aantal andere rechthebbenden op de troon, wordt Hendrik II in 1002 gekroond tot koning van Duitsland en in 1004 tot koning van Italië. In 1014 kroont paus Benedictus VIII Hendrik in Rome tot keizer van het Heilige Roomse – Duitse - Rijk.
Hendrik is getrouwd met Cunegonde van Luxemburg. Cunegonde is de zus van Liutgard, de moeder van graaf Dirk III. De twee zussen kunnen niet voorkomen dat de keizer zich in 1018 uit moet spreken tegen de daden van Dirk.