Vlaardingencultuur

In 1958 is Gerrit Ouwehand zestien jaar. Hij werkt in het aannemersbedrijf van zijn vader. Tijdens het leggen van riolering in Westwijk vindt hij tussen de storthopen een vreemde, langwerpige steen.

Hij laat de steen zien aan gemeentelijk opzichter Cees Wind. Toeval bestaat niet: deze ambtenaar in dienst van de gemeente Vlaardingen is een bevlogen amateurarcheoloog en hij herkent het voorwerp direct. Het is een vuurstenen bijl, uit de Nieuwe Steentijd, hij vermoedt meer dan 5000 jaar oud.

Graven naar onze geschiedenis

Tussen november 1959 en september 1964 liggen er in de Westwijk verschillende putten open die niets te maken hebben met de nieuwe gebouwen die overal als paddenstoelen uit de grond schieten. In de omgeving van de Arij Koplaan, de Prof. Teldersstraat en de Samuel Esmeijerstraat zijn archeologen met de archeologische werkgroep Helinium naarstig op zoek naar de restanten van een ver verleden. Vijf opgraafcampagnes en een reeks spectaculaire vondsten zoals voedselresten, een fuik en houten palen van huizen maken van Gerrits vondst een historische gebeurtenis. De opgegraven voorwerpen blijken zo te verschillen van eerdere archeologische ontdekkingen in Nederland dat deskundigen spreken over een aparte Vlaardingencultuur.

Aan de hand van deze ontdekkingen is vastgesteld dat de bewoners van de regio Vlaardingen rond 3500 v.Chr. hun leven als rondtrekkende jagers en verzamelaars verruilen voor een bestaan als honkvaste boeren. Na 1958 duiken er op andere plaatsen in Nederland soortgelijke vondsten op. Dit type voorwerpen wordt echter nog altijd gekoppeld aan de eerste vindplaats.

Boeren die blijven jagen

Stoppen de boeren van de Vlaardingencultuur nu meteen met jagen en verzamelen? Nee, want in de delta, waar veel wild, gevogelte en vis voor handen is, ligt het rendement van jagen aanzienlijk hoger dan dat van veeteelt. De vondsten van graangewassen en botten van gedomesticeerde dieren tonen aan dat de mensen van de Vlaardingencultuur wel kennis hebben van landbouw en veeteelt. Toch is dit voor hen geen reden om radicaal te stoppen met jagen en vissen: een levenswijze die zij duizenden jaren hebben gekend.